Overleg inkoopkader UWV december 2019

OVAL, Noloc en UWV hebben recent een overleg gehad over het inkoopkader inkoopkader (werkfit maken- en naar werk trajecten). Er wordt gesproken over verbeteren van deze diensten en er wordt gekeken naar de toekomstige ontwikkelingen/verwachtingen. Lees meer.

 

16 december 2019

UWV is tevreden over het werken met het inkoopkader. Het besluit is genomen hiermee door te gaan. Nieuw inkoopkader gaat in per 1-7-2020 met een duur van 2 ½ jaar. In februari moet het UWV inhoudelijk rond zijn, dan ter besluitvorming Raad van Bestuur de organisatie in. 31 Mei wordt het inkoopkader gepubliceerd. De samenwerking tussen UWV en RIB’s is goed, de seinen staan op groen.

 

Kwaliteit werkplannen

UWV geeft aan een grote slag te moeten maken op de werkplannen. Uit het lopende onderzoek en het zoeken naar goede werkplannen blijkt dat deze vaak summier of onduidelijk. RIBs geven aan dat de werkplannen steeds vaker ontbreken. Wat te doen is dan lastig. Eigenlijk zou je het terug moeten geven. Maar je zit in een opdrachtgever en -nemer relatie, je wilt loyaal zijn naar UWV en klant en wil het werk graag uitvoeren. Er zijn binnen het UWV 3000 mensen die inkopen in verschillende functies. UWV is dit proces intern aan het verbeteren, een centrale afdeling (bestelkantoor) gaat als klep fungeren die inhoudelijk toetst of de in te kopen dienstverlening aansluit bij het werkplan.
 

Tarieven

UWV wil een vast tarief hanteren voor het inkoopkader van 2 ½ jaar en niet tussentijds indexeren. Het tarief moet wel omhoog, er is financiële ruimte hiervoor. Gevraagd wordt naar een parallel conform het uurtarief jobcoaching. Deze tarieven zijn niet goed vergelijkbaar, het uurtarief van jobcoaching is inclusief vergoeding van administratie en reiskosten. Het UWV is bezig met het bepalen van het nieuwe uurtarief, het onderzoek van jobcoaching wordt deels gebruikt. De reiskostenvergoeding gaat stijgen met € 0,62.


Uren, duur, duidelijkheid percelen

Het werken met de percelen wordt goed bevonden. Duidelijkheid over beschreven diensten in deze percelen zijn goed. Men is er mee eens dat de inhoud van de trajecten ook extern te verantwoorden moeten zijn, dus geen tarotkaarten of paardenfluisteraars.

UWV geeft aan dat de trajecten voor alle doelgroepen gelijk worden getrokken. Er zijn geen verschillen meer tussen het Werkbedrijf en SMZ.

WerkFit            18 maanden, 40 uur. Ophoging mogelijk naar maximaal 60 uur.
Naar Werk         9 maanden, 25 uur. Ophoging mogelijk naar maximaal 40 uur.

Het aantal uren voor niet succesvolle trajecten is te krap. Er worden meer uren gemaakt dan uiteindelijk worden vergoed. Het UWV vereist altijd een financiële prikkel op de dienstverlening, dit is uitgangspunt van beleid. Er is wel financiële ruimte bij UWV maar niet onbeperkt en dient ook altijd verantwoord te worden.

 

Aangegeven wordt dat het lastig is om het traject te kunnen verlengen en akkoord hiervoor te krijgen van UWV. Hierbij speelt de slechte bereikbaarheid van de AD een grote rol. Regelmatig geven de RIB;’s het op om de trajecten verlengd te krijgen. UWV geeft aan dat in Arnhem en Nijmegen een pilot gaat lopen. Dit moet de bereikbaarheid verbeteren. Edwin van de Vliet en Antoinette van Veen zijn de projectleiders. Het moet makkelijker worden om de trajecten te kunnen verlengen.

Het UWV heeft een realtime overzicht van inkoop (wat wordt er ingekocht, waar wordt er ingekocht) en resultaten op vestigingsniveau. Dit wordt binnen het UWV goed ontvangen. Dit wordt ook gebruikt door het UWV om het gesprek te voeren met UWV vestigingen ter verbetering.
 

Modulaire diensten

RIB’s zijn tevreden met de toevoeging van de modulaire diensten. Hiermee worden een hele nieuwe groep mensen bediend met een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Het praktijkassement wordt in het nieuwe inkoopkader een apart 4e perceel. Gespecialiseerde bedrijven kunnen dit aanbieden. Er zijn dus straks 4 percelen; Werkft, Naar werk, Modulair, Praktijkassessment.

De huidige prijs van het praktijkassessment (€ 1.600) is bepaald aan  de hand van evaluatie van 23 pilot bedrijven. De trajectprijs is vastgesteld op de gemiddelde kosten + € 200.
 

Faillissement, bedrijfsbeëindiging, financiële zekerheid

Faillissement kost het UWV veel geld. Kandidaten worden teruggemeld en UWV moet nieuwe dienstverlening inkopen. Gedacht wordt aan het op verzoek geven van een bankgarantie (bv 25.000 voor 10 trajecten). Bijvoorbeeld als de bestuurder eerder betrokken is geweest bij faillissement. Heeft wel gevolgen voor kredietruimte van het bedrijf bij de bank. Er zijn nu ruim 600 bedrijven waar is ingekocht, dit aantal hoeft niet zo groot te zijn. Gemiddeld gaan er 4-6 bedrijven failliet. Bij bedrijfsbeëindigingen is nu bepaald dat UWV de klanten moet terughalen. Dat wordt in het nieuwe inkoopkader aangepast dat in overleg met het RIB wordt bepaald wat er met de klant wordt gedaan.
 

Formats re-integratieplan en eindrapportage

Er vindt een discussie plaats welke beëindigingsredenen meetellen in de eindresultaten succesvol, niet succesvol. Bv toegenomen arbeidsongeschiktheid niet. Het voorblad wordt niet gebruikt voor de beoordeling maar alleen gebruikt om het dossier op een juiste manier digitaal te archiveren bij UWV. De beoordeling gebeurd op basis van de inhoud van de eindrapportage. RIB’s geven aan dat zij vaak goed moeten controleren in Edge View of de eindrapportage goed beoordeeld is, aanpassing hiervan kost weer extra tijd voor RIB en UWV.

Er wordt gesproken over de plaatsingsdefinities, zoals het aantal uren. Hoeveel uur is 50%, 20 obv 40 urige werkweek? Wat met ZZP trajecten waarvan een opbouw in uren plaatsvindt? Hoe zit het met het gedeeltelijk invullen van de rest verdiencapaciteit? Dit is bekend bij UWV, de beleidsafdeling gaat hiermee aan de slag.

Bij het bepalen van het succes van het traject is de klant leidend. Deze is aan het werk of klaar om direct aan het werk te gaan. Leeftijd, opleidingsniveau, arbeidsmarktregio zijn niet bepalend.
 

Bonus en bewijslast

De bewijslast is lastig te verkrijgen en bezwaarlijk, na een jaar weer aan de deur kloppen voor bonus van de RIB is niet direct in belang van de klant of werkgever. Een verklaring van de werkgever is nodig (die weet dit vaak niet  of niet meer), het vragen naar 12 loonstroken is niet AGV proef. De derde optie om als RIB een rapportage in te dienen is het meest werkbaar, hier zitten geen beperkingen op qua bewijslast. Het makkelijkst zou zijn als UWV in haar eigen adminstratie dit vaststeld, het UWV gaat hiernaar kijken op termijn. Voor het nieuwe  wordt de plaatsingsbonus gehandhaafd.

In de loop van het nieuwe inkoopkader wordt verder gesproken over het vervangen van de plaatsingsbonus door een strippenkaart. Hiermee wordt begeleiding mogelijk na afloop van het traject ter bevordering van duurzaam werk.
 

Nieuwe middelen WGA 80—100%

Er komen in 2021 substantiële financiële middelen beschikbaar voor dienstverlening, dit vloeit voort uit het regeerakkoord.
 

Administratieve lasten

Uitgebreid wordt gesproken over de administratieve belasting. 2 uur is onvoldoend voor het reintgratieverslag, tussentijdse evaluatie en eindrapportage. Zeker als het werkplan ontbreekt of summier is. Het UWV is bezig om te kijken om het admnistratieve proces te digitaliseren (systeem Ciffer? Kan zowel met Excel als PDF invoer). 1 uur extra aan de trajecten toevoegen kost UWV € 3,5 miljoen. Iedere euro verhoging op het uurtarief kost UWV € 1 miljoen.

Afgesproken is dat Hendrik van Tongeren maandag 16 december bij Ton van Trienen op werkbezoek komt en inzage geeft in de administratie. Luc Banninck wordt ook betrokken om in de administratieve belasting in beeld te brengen. Veder zal Hendrik van Tongeren nog een aantal andere bedrijven bezoeken om goede beeld te krijgen van de administratieve belasting en de tijd die hiervoor nodig is. Er zijn grofweg 2 mogelijkheden ter verbetering, meer uren voor administratie (moeten wel extra uren zijn voor het traject) of verhoging van het uurtarief. Dit laatste lijkt de voorkeur te hebben van de RIB’s.  
 

Beleidsbeslissingen en doelgroepen

In het nieuwe inkoopkader worden geen doelgroepen meer opgenomen in de contracten. De aanpassingen kunnen eenvoudiger worden geregeld via beleidsbeslissingen.
 

Punten uit vorige evaluatie

De meeste punten uit de vorige evaluatie zijn aan de orde gekomen. Wel wordt nog specifiek de aanbeveling om de financiële prikkel naar de verhouding 80-20 te brengen onder de aandacht gebracht. Deze aanbeveling wordt  wederom gedaan, zeker in geval van niet -succesvolle trajecten wordt vaak meer uren  gemaakt dat uiteindelijk worden vergoed.