Stop niet met werken als je baan stopt!

Als je je baan kwijtraakt, verlies je meer dan alleen je inkomen. Werk zorgt ook voor structuur, voor sociale contacten en voor zin; het gevoel ertoe te doen. We ontlenen betekenis aan ons werk. Wanneer we werken, zetten we – als het goed is – onze talenten in ten behoeve van iets of iemand anders. En dat geeft ons het gevoel dat we van waarde zijn. Maar waarom zou je stoppen met dingen doen waar je goed in bent wanneer je baan stopt? Waarom zou je stoppen met je talenten inzetten als je er niet voor betaald wordt? Waarom zou je stoppen met jezelf inzetten voor iets of iemand anders wanneer dat in organisatieverband ophoudt?

 

Geef jezelf weg

Een baan is niets anders dan een economische afspraak: jij levert een dienst, in ruil voor salaris. Ook vrijwilligerswerk is, anders dan je misschien denkt, een economische afspraak: jij levert een bijdrage, in ruil voor een nuttige en hopelijke leuke tijdsbesteding en het gevoel van zin, van waarde te zijn. In je baan of vrijwilligerswerk trakteer je de wereld, of althans een stukje daarvan, op je talenten. Op wie je van nature bent. Je geeft jezelf weg. En dat is goed. Dat is namelijk hoe wij mensen bedoeld zijn: om onszelf weg te geven. Maar laten we daar alsjeblieft niet mee stoppen op het moment dat we onze baan kwijtraken en we van het UWV geen of weinig georganiseerd vrijwilligerswerk mogen doen! Laten we onszelf niet afhankelijk maken van werk, van economische afspraken in georganiseerd verband! Werk, betaald of vrijwillig, is maar één van de manieren om van waarde te zijn en je talenten in te zetten. Ook zonder baan zijn er talloze manieren om van betekenis te zijn.

 

Natuurlijk heb je een inkomen nodig. Natuurlijk ga je op zoek naar een nieuwe baan en besteed je tijd aan netwerken en solliciteren. Natuurlijk ben je zichtbaar op LinkedIn. Maar werk verwerven is niet jouw belangrijkste taak. Jouw belangrijkste taak is om je talenten in te zetten voor iets of iemand anders. Om de wereld te trakteren op wie je bent. Dus wacht daar in ´s hemelsnaam niet mee totdat je weer een baan hebt, betaald of niet. Het is toch van de gekken dat je al je tijd steekt in het zoeken naar een plek waar je kunt doen waar je goed in bent, terwijl je een deel van die tijd al gewoon kunt doen waar je goed in bent? Die plek, die is hier al. Er zijn, van betekenis zijn, kun je altijd en overal. Baan of geen baan.

 

Je kunt dat heel letterlijk nemen. Ben je docent Engels, help dan je buurmeisje met haar (her)examen Engels. Ben je kapper, bied dan een bevriende ambulante kapper aan om in te vallen tijdens ziekte of calamiteiten. Of bied die moeder op het schoolplein met dat zieke kind, van wie je weet dat ze krap zit, een gratis knipbeurt aan. Ben je boekhouder, help dan je neef die voor zichzelf wil beginnen met het opzetten van zijn financiële administratie. Ben je tekstschrijver, schrijf dan een stukje voor de nieuwsbrief van je sportvereniging of begin een blog. Je hoeft niet te wachten op een baan om te doen waar je goed in bent, waarvoor je bent opgeleid.

Zet je ego opzij

Nu zul je misschien denken: “Ik ga toch niet voor niks iets doen waarvoor ik normaal gesproken betaald word?!” Maar waarom eigenlijk niet? Jij hebt die talenten ook maar gekregen. Zeker, je hebt hard gewerkt om van die talenten ook je werk te maken, om ze te gelde te maken. Maar je kunt kiezen: óf je doet waar je goed in bent en blij van wordt, óf je doet het niet. En wie denk je dat een werkgever eerder zal aannemen: iemand die een jaar uit liefde voor haar vak op allerlei manieren dat vak is blijven uitoefenen, of iemand die een jaar lang niets met haar vak heeft gedaan omdat ze er niet voor betaald kreeg? In-between-jobs zijn is een uitgelezen kans om je ego opzij te zetten en te bepalen wat er werkelijk toe doet.

 

Het is niet altijd mogelijk om je vak te blijven uitoefenen op een manier die je gewend was. Als chirurg hoef je niet bij je buurman aan te kloppen en voor te stellen hem ter plekke van die hernia af te helpen. En zo zijn er meer beroepen die je zonder organisatie niet kunt beoefenen. Een pilote kan niet zonder vliegtuig, een dirigent niet zonder orkest. Maar ook dan hoeft het verdwijnen van je baan niet te betekenen dat je niet meer kunt doen waar je goed in bent. Kijk dan niet naar welk werk je deed, maar ga bij jezelf eens te rade hoe je je werk het liefste deed. Welke talenten zette je in? Wat maakte werk nou zo leuk? Houd je ervan om precisiewerk te doen? Om mensen een luisterend oor te bieden? Om met taal te spelen, of met cijfers? Om te ordenen, leiding te geven of te koken? Blijf dat dan doen! Laat je niet ontmoedigen door het uitblijven van een financiële tegenprestatie of door het ontbreken van een organisatieverband! Ga helpen op de sportdag van je (klein)kind / buurjongetje / nichtje als je graag met groepen kinderen werkt. Kook voor je buren als je van koken houdt. Schrijf gedichten aan iedereen die jarig is als je graag schrijft. Bied die vriend van je ouders die pas weduwnaar is geworden aan om te helpen met de administratieve gevolgen als je graag dingen uitzoekt en op een rij zet. Organiseer een verjaardagsfeest, een examenfeest of een ‘wij zijn 32-en-een-half jaar bij elkaar’-feest als je graag evenementen organiseert. Ga wandelen met die oud-collega die burned-out thuis zit als je goed kunt luisteren en pijn van anderen kunt helpen dragen.

 

Je werk begint als je baan stopt

Dat wat jij goed kunt is hard nodig in deze wereld! Het is een illusie om te denken dat ons werk stopt als onze baan stopt. Misschien begint het zelfs dan pas. Omdat je dan zult moeten zoeken naar waar het jou écht om gaat. Naar wat je nu wérkelijk bijdraagt. Naar wat de essentie is van wat jij te doen hebt in jouw leven. Vind die essentie en lééf daarnaar. Het leven is te kort en jouw talenten te waardevol om te wachten totdat je weer een baan hebt. Aan de slag!

 

Jamie Nederpel
www.jamienederpel.nl
Noloc-erkend loopbaancoach in de natuur